Achtergrond van het kartel

Grote vrachtwagenfabrikanten zoals DAF, Volvo, Scania, MAN, Iveco, Renault en Daimler (Mercedes-Benz) hebben vanaf 1997 tot en met 2011 verboden prijsafspraken (een kartel) gemaakt. Door dit truckkartel, ook wel vrachtwagenkartel genoemd, betaalden bedrijven jarenlang te veel voor hun vrachtwagens.

logos

Europese Commissie

De Europese Commissie onderzoekt het kartel tussen de vrachtwagenfabrikanten sinds 2011 en diende in 2014 haar aanklachten in tegen de vrachtwagenfabrikanten. Op 19 juli 2018 heeft de Europese Commissie een boete opgelegd van in totaal € 2,93 miljard voor vijf van de zeven betrokken ondernemingen. De vijf fabrikanten hebben een schikking getroffen met de Europese Commissie. Vrachtwagenfabrikant MAN gaat vrijuit, omdat zij het kartel heeft aangekaart en het onderzoek tegen Scania liep nog verder.

Scania wenste niet te schikken met de Europese Commissie, maar op 27 september 2017 werd toch ook Scania een boete opgelegd van ruim € 880 miljoen. Daarmee komt het totaal aan boetes op ruim € 3,8 miljard. Scania heeft beroep aangetekend tegen deze boete.

Door de boete van de Europese Commissie staan de verboden prijsafspraken en het onrechtmatig handelen van de fabrikanten vast. Elke deelnemer van een kartel is aansprakelijk voor alle schade van het kartel. Wij hebben DAF aansprakelijk gesteld voor alle schade, dus ook voor te hoge prijzen die andere fabrikanten hebben gerekend.

De overtredingen van het kartel:

  • Coördineren van bruto prijzen. De “gross list” prijzen worden vastgesteld door elke fabrikant en zijn de basis voor de prijs in de vrachtwagenindustrie. Het zijn een soort grove catalogusprijzen.
  • Afspraken over de timing van invoering van emissietechnologie. Middelzware en zware vrachtwagens moeten volgens Europese regels steeds meer aan strengere emissienormen voldoen (Euro III tot en met Euro VI). NB: Er zijn geen aanwijzingen dat er een connectie is met sjoemelsoftware i.v.m. emissieregels.
  • Afspraken over het doorberekenen van kosten voor deze nieuwe emissietechnologie aan klanten. Inbreuk had betrekking op de gehele Europese Economische Ruimte (EER) en duurde 14 jaar; van 1997 tot 2011. Tussen 1997 en 2004 werden bijeenkomsten gehouden op senior management niveau, soms bij beurzen of andere evenementen. Ook vonden telefonisch afspraken plaats. Vanaf 2004 werd het kartel georganiseerd via Duitse dochterondernemingen van de vrachtwagenproducenten en ging het uitwisselen van informatie voornamelijk elektronisch.

Preprocessuele comparitie

In februari 2018 vond bij de rechtbank de eerste zitting plaats in de procedure tegen de truckfabrikanten. Het doel van de zitting was om te onderzoeken of een schikking met de fabrikanten mogelijk is, een preprocessuele comparitie.

Tijdens de zitting hadden alle verschenen fabrikanten aangegeven dat zij op dit moment niet bereid zijn om over een schikking te onderhandelen. Mede daarom heeft de rechter inmiddels bepaald dat er via de preprocessuele comparitie geen collectieve oplossing tussen de partijen kan komen.

Nu wordt er een schadevergoedingsprocedure gestart. De fabrikanten hebben al aansprakelijkheid erkend, dus de kans van slagen hierop is groot. We houden u op de hoogte van verdere ontwikkelingen.